Persluchtfittingen: welke types zijn er en welk type kiest u?
Persluchtfittingen verbinden slang, buis en component tot één dichte leiding. U komt er twee families van tegen: steekfittingen, waarin u de slang recht insteekt en die zonder gereedschap weer loskomt, en draadnippels, die u met schroefdraad vastdraait en op het draad afdicht. Binnen elke familie kiest u eerst een vorm — recht, knie, T, Y of kruis — en daarna een maat die past bij de buitendiameter van uw slang en bij het draad van de component. In dit gamma staan 92 persluchtfittingen van Metal Work: 65 steekfittingen en 27 draadnippels.
De twee families in dit gamma
Het verschil tussen beide families zit niet in de kwaliteit, maar in hoe vaak u de verbinding weer opent. Een steekfitting is bedoeld voor leidingwerk dat u regelmatig aanpast of verplaatst. Een draadnippel maakt u één keer en laat u daarna zitten. Beide vormen samen de categorie fittingen, goed voor 92 van de ruim 200 artikelen in het assortiment.
| Familie | Serie | Zo sluit u aan | Aantal |
|---|---|---|---|
| Steekfittingen (push-in) | R en RL | Slang insteken; ring indrukken om los te maken | 65 |
| Draadnippels | A | Inschroeven met sleutel; afdichten op het draad | 27 |
Wie twijfelt, kijkt naar de plek. Aan een machine die trilt of beweegt, en op leidingen die u bij onderhoud loskoppelt, werken steekfittingen sneller. Op een vaste verdeler, een compressoraansluiting of een poort die onder trilling staat, is een geschroefde verbinding rustiger. In de meeste installaties staan beide door elkaar: draadnippels op de vaste punten, persluchtfittingen van het steektype op alles wat daarna komt.
Steekfittingen: 65 varianten in negen vormen
De steekfitting is het werkpaard van modern persluchtleidingwerk: u duwt de slang tot de aanslag en de klemring houdt hem vast. Van de 65 steekfittingen gaat het grootste deel naar recht, knie en T. Hoe de klemring en de afdichting samenwerken en welke slangmaat bij welke fitting hoort, staat in de gids over de push-in fitting.
| Vorm | Aantal | Waarvoor u hem kiest |
|---|---|---|
| Recht | 15 | Slang op draad of slang op slang, in het verlengde van de leiding |
| Knie | 14 | Bocht van 90 graden vlak bij een cilinder of ventiel |
| T-stuk | 14 | Aftakking maken zonder de doorgaande leiding te onderbreken |
| Banjo | 13 | Aansluiten waar weinig ruimte is; de fitting draait om de bout |
| Y-stuk | 4 | Één leiding splitsen in twee gelijkwaardige takken |
| Verloop | 2 | Overgang naar een andere slangdiameter |
| Kruisstuk | 1 | Vier richtingen vanuit één knooppunt |
| Blindplug | 1 | Een ongebruikte poort luchtdicht afsluiten |
| Demontagesleutel | 1 | De klemring indrukken op plaatsen waar uw vingers niet bij kunnen |
De aantallen zeggen iets over de praktijk. Recht, knie en T samen zijn goed voor 43 van de 65 artikelen, omdat vrijwel elk leidingtracé uit die drie is opgebouwd. Banjo’s zijn met 13 stuks ruim vertegenwoordigd omdat ze op cilinders vaak de enige vorm zijn die past. Kruisstuk, blindplug en demontagesleutel staan er elk één keer: u hebt ze zelden nodig, maar als u ze nodig hebt is er geen alternatief.
Draadnippels: 27 varianten voor schroefdraadaansluitingen
Waar de leiding overgaat op vast leidingwerk, een verdeelblok of een machinepoort, gebruikt u serie A. De 27 draadnippels dekken drie taken. Verdelen doet u met 6 T-stukken, 3 knieën, 2 kruisstukken, 2 Y-stukken en 1 verdeelblok. Twee draden aan elkaar koppelen doet u met 3 verloopringen en -sokken, 2 sokken en 3 borst- of verlengnippels. Overgaan naar iets anders doet u met 3 neusstukken, 1 slangpilaar en 1 plug. Welke draadvorm u nodig hebt bepaalt de component, niet de fitting: het onderscheid tussen BSPP, BSPT en NPT staat in de gids over persluchtdraden.
Afdichten gebeurt bij deze familie op het draad zelf, niet op een vlakke pakking. Draai eerst met de hand in tot u weerstand voelt, zet daarna pas de sleutel erop, en werk in één beweging door zonder terug te draaien: een halve slag terug opent het afdichtmiddel weer. Controleer een nieuwe verbinding op druk voordat u de kast dichtzet, want een draadlek is bij montage in twee minuten verholpen en later alleen met demontage.
Draaibaar of vast
16 van de 92 persluchtfittingen zijn draaibaar uitgevoerd. Dat is geen luxe: bij een cilinder die beweegt, of bij een slang die u bij onderhoud opzij moet leggen, voorkomt een meedraaiende fitting dat de slang torsie opbouwt vlak achter de klemring. Juist daar scheurt een slang. Staat het onderdeel stil en ligt de slang vrij, dan volstaat een vaste uitvoering en hebt u één beweegbaar onderdeel minder.
Zo kiest u in vier stappen
- Meet de buitendiameter van de slang, niet de binnendiameter. Persluchtfittingen worden op buitenmaat besteld.
- Kijk welk draad op de component zit en of dat draad cilindrisch of conisch is.
- Bepaal de richting die u nodig hebt: recht door, 90 graden om, aftakken of splitsen.
- Beslis of de aansluiting moet kunnen meedraaien.
Wat u in deze categorie niet vindt
Deze 92 persluchtfittingen zijn bedoeld voor perslucht in leiding- en machinebouw. Kogelkranen zitten er niet bij, en ook geen camlock-, Storz- of Geka-koppelingen voor brandslang en tankwagen, geen hydraulische koppelingen en geen pers- of knelfittingen voor koperen sanitairleiding. Manometers, terugslagkleppen en smoorventielen vallen eveneens buiten deze categorie. Zoekt u die, of bent u op zoek naar slangen en luchtverzorging, kijk dan in de webshop.
Die afbakening is bewust. Persluchtfittingen voor machinebouw en luchtleidingen zijn een andere wereld dan koppelingen voor water, blusleiding of hydrauliek, met andere maatvoering en ander gedrag onder druk. Één categorie die alles zou beloven maakt het kiezen moeilijker, niet makkelijker.
Kort samengevat
Twee families, één keuze: steken of schroeven. Steekt u, dan kiest u uit 65 steekfittingen in negen vormen. Schroeft u, dan kiest u uit 27 draadnippels. Meet altijd eerst de buitendiameter van de slang en controleer het draad van de component; met die twee gegevens ligt de juiste fitting vast. Twijfelt u over een specifieke opstelling, dan kijken we mee.